3.1.1 Toetsingscriteria
Iedere aanvraag voor een gereserveerde gehandicaptenparkeerplaatsen wordt getoetst op de volgende criteria:
legitimatie en kentekenbewijs;
gehandicaptenparkeerkaart;
parkeerdruk in de directe omgeving;
parkeren op eigen terrein;
maximale loopafstand.
Indien wordt voldaan aan alle criteria (zoals ze hieronder zijn beschreven) dan zal een gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats gerealiseerd worden. Bij een aantal criteria wordt onderscheid gemaakt in het centrumgebied en overig. In bijlage 1 is op kaart het centrumgebied aangegeven.
Vooraf geldt dat een algemene gehandicaptenparkeerplaats niet opgeheven wordt voor een gereserveerde parkeerplaats en per huishouden één gereserveerde parkeerplaats wordt toegekend.
Legitimatie en kentekenbewijs
De aanvrager wordt gevraagd een kopie van de legitimatie en het kentekenbewijs toe te sturen, zodat gecontroleerd kan worden of de aanvrager de eigenaar is van de auto. Bij een gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats is het niet nodig om de gehandicaptenparkeerkaart te voeren. Om misbruik te voorkomen wordt naar het kentekenbewijs gevraagd. Daarnaast wordt gecontroleerd of de aanvrager daadwerkelijk woonachtig is in de gemeente Heerenveen.
Gehandicaptenparkeerkaart
Bij dit criterium wordt gekeken naar het type gehandicaptenparkeerkaart. Er zijn namelijk twee typen kaarten te onderscheiden; een bestuurderskaart en een passagierskaart. Aanvragers in het bezit van een passagierskaart komen niet in aanmerking voor een gereserveerde parkeerplaats. Omdat mensen met een passagierskaart door de bestuurder voor de deur kunnen worden uitgezet, waarna de bestuurder de auto alleen kan wegzetten. Aanvragers in het bezit van bestuurderskaart kunnen wel in aanmerking komen voor een gereserveerde parkeerplaats.
Parkeerdruk in de directe omgeving
Indien de parkeerdruk in de directe omgeving van 100 meter gemiddeld genomen hoog is waardoor de aanvrager te ver moet lopen om zijn voertuig/woning te bereiken kan de aanvrager in aanmerking komen voor een gereserveerde parkeerplaats. Als het niet duidelijk is, aan de hand van bij ons bekende klachten/informatie, zal een klein onderzoek uitgevoerd worden op drie momenten van een werkdag (ochtend, middag, avond).
Voor het centrumgebied geldt dat de donderdagavond (koopavond) en de zaterdag(middag) niet meegenomen worden. Dit zijn de drukste momenten voor het centrumgebied waarbij het voor een ieder moeilijk is om een parkeerplaats te vinden.
Parkeren op eigen terrein
Indien de aanvrager een voertuig kan parkeren op eigen terrein, komt hij niet in aanmerking voor een gereserveerde parkeerplaats. Ook als bij de woning een garagebox gelegen is binnen de geïndiceerde loopafstand van de aanvrager.
Maximale loopafstand
Tot nog toe werd steeds als grens de afstand van 50 meter gehanteerd. Echter bij het toekennen van een gehandicaptenparkeerkaart wordt als norm 100 meter gehanteerd. De cliëntenraad WVG heeft aangegeven dat problemen van een tweede keuring voorkomen kunnen worden door ook aan te sluiten bij de norm van 100 meter bij de aanvraag van een gehandicaptenparkeerplaats. Indien de aanvrager dus een gehandicaptenparkeerkaart heeft ontvangen voldoet men aan dit criterium. Voor buitenhuis rolstoelgebonden personen wordt alleen gekeken naar parkeerplaatsen en de bijbehorende afstanden die voor deze personen toegankelijk zijn.
3.1.2 Uitzondering
In specifieke te motiveren gevallen kan afgeweken worden van de hierboven genoemde criteria. Deze gemotiveerde afwijking dient een besluit te zijn van het college van B&W. In bijlage 2 is een stroomschema weergegeven van de “aanvraag gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats”.
3.1.3 Kosten
In de parkeervisie is aangegeven dat de kosten voor de aanleg van een plaats voor rekening komen van de aanvrager. De kosten voor een gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats bedragen ca € 200,-. In dit bedrag zijn de kosten opgenomen voor het plaatsen en verwijderen van het bord E6, de paal en het onderbord voorzien van een kenteken. Bij verandering van een kenteken worden niet opnieuw kosten in rekening gebracht. De kosten voor mogelijke aanpassingen in de infrastructuur zijn niet meegenomen in dit bedrag. Deze kosten zullen ook verhaald worden op de aanvrager. De berekening van deze kosten worden voorgelegd aan de aanvrager, waarna na instemming door de aanvrager de aanpassingen uitgevoerd worden. De cliëntenraad WVG (nu de participatieraad) stelde voor om afhankelijk van het inkomen van de aanvrager deze kosten in zijn geheel of gedeeltelijk te verhalen op de aanvrager. Een dergelijke staffelmethodiek toepassen is te bewerkelijk. Hiervoor moeten veel papieren worden ingevuld en veel zaken uitgezocht te worden. Het voorstel is om voor de gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats kosten in rekening te brengen. Via de wet werk en bijstand (wwb, bijzondere bijstand) kunnen ze mogelijk een deel van de kosten terug krijgen.
Voor bewoners van het centrumgebied (betaald parkeren) geldt dat zij de eenmalige kosten van het aanleggen van de gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats dienen te betalen en daarnaast geen parkeerontheffing hoeven aan te schaffen. Immers binnen het betaald parkeergebied zijn bezitters van een gehandicaptenparkeerkaart vrijgesteld van het betalen voor het parkeren. In de parkeervisie is aangegeven dat deze bewoners wel een ontheffing moeten aanschaffen. Dat is gezien de wijziging van het niet betalen niet meer nodig in het betaald parkeergebied. Voor aanvragers wonend in een vergunninghoudersgebied geldt eveneens dat zij alleen de eenmalige kosten voor de gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats hoeven te betalen. Het is niet nodig om dit geval nog een vergunning aan te schaffen. Dit is wel overeenkomstig de parkeervisie.
Het plaatsen van het bord en doen van aanpassingen wordt verzorgd door de gemeente. De gemeente bepaalt uiteindelijk de plaats.
3.1.4 Intrekkingen
Een gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats wordt ingetrokken indien er sprake is van één van de volgende gevallen:
de aanvrager is verhuisd;
de aanvrager is overleden;
de aanvrager is niet langer in het bezit van een eigen auto;
de aanvrager is niet langer in het bezit van een geldig rijbewijs;
de aanvrager beschikt niet langer over een gehandicaptenparkeerkaart bestuurder;
indien de parkeerplaats is toegewezen op grond van door de aanvrager verschafte onjuiste gegevens en de parkeerplaats niet zou zijn toegewezen indien de onjuistheid van die gegevens ten tijde van de aanvraag en keuring bekend zou zijn geweest.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.1
Gereserveerde gehandicaptenparkeerplaatsen
Onderdeel van Uitwerkingsplan ''Gehandicaptenparkeren''