Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 11

Artikel 2.48

Loslopende honden

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening voor de gemeente Maasgouw (APV)

Het is de eigenaar of houder van een hond verboden die hond te laten verblijven of te laten lopen: binnen de bebouwde kom op een publiek toegankelijke plaats zonder dat die hond aangelijnd is; buiten de bebouwde kom op door het college aangewezen plaatsen; buiten de bebouwde kom zonder onmiddellijk toezicht; op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats,    zandbak, speelweide, begraafplaats of op een andere door het college aangewezen plaats. Het verbod in het eerste lid aanhef en onder a is niet van toepassing op door het college aangewezen plaatsen dan wel indien ontheffing is verleend van dit verbod. De verboden genoemd in het eerste lid aanhef en onder a en b zijn niet van toepassing op de eigenaar of houder van een hond die zich vanwege zijn handicap door een geleidehond of sociale hulphond laat begeleiden; of die deze hond aantoonbaar gekwalificeerd opleidt tot geleidehond of sociale hulphond.

Rechtspraak bij dit artikel