Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Toetsingsgronden

Onderdeel van Bomenverordening 2012

Het bevoegd gezag kan de vergunning weigeren dan wel onder voorschriften verlenen in het belang van onder meer: natuur- en milieuwaarden; · landschappelijke waarden; cultuurhistorische waarden; waarden van stads- en dorpsschoon. De beoordeling hiervan zal geschieden volgens de als bijlage opgenomen beoordelingssystematiek kapaanvragen, waarbij tevens de overlastwaardering wordt betrokken. Het bevoegd gezag kan bij het weigeren of onder voorschriften verlenen van een vergunning tevens de boomwaarde als motivering hanteren. Een vergunning voor het vellen van een waardevolle boom wordt slechts bij uitzondering verleend indien; een zwaarwegende maatschappelijke belang opweegt tegen duurzaam behoud van de monumentale boom. alternatieven zijn onderzocht. naar boomdeskundige maatstaven instandhouding niet langer verantwoord is ter voorkoming van letsel of schade. Het bevoegd gezag kan met betrekking tot de weigeringsgronden dan wel aan een vergunning verbonden voorschriften, als bedoeld in het eerste lid, beleidsregels vaststellen als bedoeld in artikel 4:81 van de algemene wet bestuursrecht. Met het oog op de in artikel 6 lid 1 genoemde belangen kan het bevoegd gezag in afwijking van de uitoefening van de beoordelingen volgens de beoordelingssystematiek kapaanvragen beleidsregels vast stellen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel