Formatie: toegestane omvang van het personeel uitgedrukt in voltijdseenheden (fte) op basis van een dienstverband van 36 uur per week.
Bezetting: de werkelijk aanwezige omvang van het personeel uitgedrukt in voltijdseenheden (fte) op basis van een dienstverband van 36 uur per week.
Structurele formatie: de formatie die noodzakelijk is voor het (in eigen beheer) uitvoeren van het structurele takenpakket van de gemeente en die wordt gedekt uit structurele middelen.
Tijdelijke formatie: aanvullende formatie met een tijdelijk karakter die noodzakelijk is voor het uitvoeren van additionele tijdelijke taken met tijdelijke dekking van de kosten.
Vaste bezetting: het feitelijk aantal medewerkers dat is aangesteld op basis van een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur uitgedrukt in voltijdseenheden (fte) op basis van een dienstverband van 36 uur per week.
Flexibele bezetting: het feitelijk aantal medewerkers dat is aangesteld op basis van een arbeidsovereenkomst of inhuurcontract van bepaalde duur uitgedrukt in voltijdseenheden (fte) op basis van een dienstverband van 36 uur per week.
Flexibele schil: het gedeelte van de structurele formatie dat flexibel bezet wordt.
Overbezetting: situatie waarbij de feitelijke bezetting hoger is dan de beschikbare formatie.
Onderbezetting: situatie waarbij feitelijke bezetting lager is dan de beschikbare formatie, ook wel aangeduid als vacatureruimte.
Boventalligheid: specifieke vorm van overbezetting waarbij bepaalde medewerkers een bijzondere rechtspositionele status krijgen.