In deze verordening wordt verstaan onder:
DB: het dagelijks bestuur van het Samenwerkingsverband
Noord-Nederland;
SNN: Samenwerkingsverband Noord-Nederland;
wet: Algemene wet bestuursrecht;
projectperiode: de periode tussen de startdatum en de einddatum
van het project;
startdatum: de datum waarop de aanvraag, die voor het nemen van
een besluit voldoende informatie bevat, bij het
Samenwerkingsverband Noord-Nederland binnen is gekomen;
algemene groepsvrijstellingsverordening: verordening (EG) nr.
800/2008 van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 6
augustus 2008 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de
artikelen 87 en 88 van het Verdrag met de gemeenschappelijke
markt verenigbaar worden verklaard («de algemene
groepsvrijstellingsverordening») (PbEU L 214);
onderneming: iedere eenheid, ongeacht haar rechtsvorm of wijze
van financiering, die een economische activiteit uitoefent;
penvoerder: de door het samenwerkingsverband aangewezen persoon
of organisatie, die namens en voor de partijen in het
samenwerkingsverband zorgt voor de administratieve relatie met
het SNN;
samenwerkingsverband: een geen rechtspersoonlijkheid bezittend
verband, bestaande uit ten minste twee niet in een groep
verbonden deelnemers, dat is opgericht ten behoeve van de
uitvoering van activiteiten;
groep: een economische eenheid, waarin organisatorisch zijn
verbonden:
een natuurlijke persoon of privaatrechtelijke
rechtspersoon, die direct of indirect:
meer dan de helft van het geplaatste kapitaal
verschaft aan,
volledig aansprakelijk vennoot is van, of
overwegende zeggenschap heeft over een of meer
rechtspersonen of vennootschappen, en
laatstbedoelde rechtspersonen of vennootschappen;
fundamenteel onderzoek: experimentele of theoretische
activiteiten die voornamelijk worden verricht om nieuwe kennis
te verwerven over de fundamentele aspecten van verschijnselen en
waarneembare feiten, zonder dat hiermee een rechtstreekse
praktische toepassing of gebruik wordt beoogd;
industrieel onderzoek: planmatig of kritisch onderzoek dat is
gericht op het opdoen van nieuwe kennis en vaardigheden met het
oog op de ontwikkeling van nieuwe producten, procedés of
diensten, of om bestaande producten, procedés of diensten
aanmerkelijk te verbeteren. Het omvat de vervaardiging van
onderdelen van complexe systemen, die noodzakelijk is voor
industrieel onderzoek, met name voor algemene validering van
technologieën, met uitzondering van prototypes als bedoeld in
sub m;
experimentele ontwikkeling: het verwerven, combineren, vormgeven
en gebruiken van bestaande wetenschappelijke, technische,
zakelijke en andere relevante kennis en vaardigheden voor
plannen, schema's of ontwerpen van nieuwe, gewijzigde of
verbeterde producten, procedés of diensten. Hieronder kan tevens
de conceptuele formulering en het ontwerp van alternatieve
producten, procedés of diensten worden verstaan. Deze
activiteiten kunnen tevens het maken van ontwerpen, tekeningen,
plannen en andere documentatie omvatten, mits zij niet voor
commercieel gebruik zijn bestemd. De ontwikkeling van
commercieel bruikbare prototypes en proefprojecten valt eveneens
onder experimentele ontwikkeling indien het prototype het
commerciële eindproduct is en de productie ervan te duur is om
alleen voor demonstratie- en validatie doeleinden te worden
gebruikt. Bij commercieel gebruik van demonstratie- of
proefprojecten worden eventuele inkomsten die hieruit
voortvloeien, op de in aanmerking komende kosten in mindering
gebracht. De kosten van de experimentele ontwikkeling en het
testen van producten, procedés en diensten komen eveneens in
aanmerking, voor zover deze niet voor industriële toepassing of
commerciële exploitatie kunnen worden gebruikt of geschikt
gemaakt. Onder experimentele ontwikkeling wordt niet verstaan de
routinematige of periodieke wijziging van bestaande producten,
productielijnen, fabricageprocessen, diensten en andere courante
activiteiten, zelfs indien deze wijzigingen verbeteringen kunnen
inhouden.
kennisinstelling: een entiteit, zoals een universiteit of
onderzoeksorganisatie, ongeacht haar rechtsvorm (publiek- of
privaatrechtelijke organisatie) of financieringswijze, die zich
in hoofdzaak bezighoudt met het verrichten van fundamenteel
onderzoek, industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling
en het verspreiden van de resultaten daarvan door middel van
onderwijs, publicaties of technologieoverdracht. Alle winst
wordt opnieuw geïnvesteerd in die activiteiten, in de
verspreiding van de resultaten daarvan, of in onderwijs.
Ondernemingen die invloed over een dergelijke entiteit kunnen
uitoefenen door middel van bijvoorbeeld aandeelhouders of leden,
genieten geen preferente toegang tot de onderzoekscapaciteit van
een dergelijke entiteit of tot de resultaten van haar onderzoek.
Mbo- en hbo-instellingen en roc’s vallen ook onder de bedoelde
entiteit.
Hoofdstuk
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Verordening, houdende regels betreffende de subsidiëring in het kader van Transitie II en Pieken middelen