Burgemeester en wethouders verlenen slechts een financiële tegemoetkoming in de kosten van het verwijderen van voorzieningen als bedoeld in artikel 2.1, lid 1 onder g indien:
de woning langer dan 3 maanden leeg staat tenzij;
na het verstrijken van deze termijn bekend is dat binnen een afzienbare periode een gehandicapte in aanmerking voor de woning zal komen; en
de aanpassingen zo specifiek zijn dat het door de aanwezigheid van de voorzieningen niet mogelijk is om de woning aan een niet-gehandicapte te verhuren.
Hoofdstuk › AFDELING I › Hoofdstuk 2.
Artikel 2.19
Kosten in verband met het verwijderen van voorzieningen
Onderdeel van Verordening voorzieningen gehandicapten