Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › AFDELING II › Hoofdstuk 6.

Artikel 6.1

Inlichtingen, onderzoek, advies

Onderdeel van Verordening voorzieningen gehandicapten

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om, voor zover dit van belang kan zijn voor de beoordeling van het recht op een voorziening, degene door wie een aanvraag is ingediend: op te roepen in persoon te verschijnen op een door Burgemeester en wethouders te bepalen plaats en tijdstip en hem/haar te ondervragen; op een door Burgemeester en wethouders te bepalen plaats en tijdstip door een of meer daartoe aangewezen deskundigen te doen ondervragen en/of onderzoeken. Burgemeester en wethouders vragen - indien nodig - advies aan door hen aangewezen externe adviesinstanties. De gevallen waarin aan deze externe adviesinstanties om advies wordt gevraagd, worden geregeld in de leidraad Wvg en de met betrokken instanties af te sluiten overeenkomsten. Bij een volgende aanvraag voor een voorziening hebben Burgemeester en wethouders de bevoegdheid aan te geven dat opnieuw advies dient te worden uitgebracht. Een gehandicapte is verplicht aan Burgemeester en wethouders of de door hen aangewezen adviesinstantie die gegevens te (doen) verschaffen die noodzakelijk zijn voor de beoordeling van de aanvraag. De adviseur dient te beschikken over kennis op de volgende gebieden: 1. medische kennis op het niveau van een arts; 2. sociale kennis; 3. ergonomische kennis; 4. technische kennis.

Rechtspraak bij dit artikel