Naar hoofdinhoud
Voor de berekening van de verschuldigde precariobelasting gelden de navolgende bepalingen: a.. onder een jaar wordt verstaan een kalenderjaar; onder een kwartaal wordt verstaan een kalenderkwartaal; onder een maand wordt verstaan een kalendermaand; onder een week wordt verstaan een periode van zeven achter­eenvolgende dagen; onder een dag wordt verstaan een tijdvak van 24 achtereen­vol­gende uren aanvangende te 0.00 uur; b.. onderdelen van tijd en afmeting worden voor een geheel gere­kend; c.. indien, bij de toepassing van het tarief per jaar, de belas­ting­plicht in de loop van het belastingjaar ontstaat, wordt voor de eerste maal een aanslag opgelegd over zoveel twaalfde gedeelten van een jaar als er nog maanden in dat belastingjaar overblijven en is voor elke maand een twaalf­de gedeelte van het jaartarief verschuldigd met dien ver­stande dat het minimum heffingstijdvak een maand is; d.. indien voor het belastbare feit het dagtarief, onderschei­denlijk het weektarief, het maandtarief of het jaartarief niet evenredig zijn opgebouwd, wordt het recht berekend op de voor de belastingplichtige meest voordelige wijze. e.. aanslagen beneden € 5,00 worden niet opgelegd.

Rechtspraak bij dit artikel