Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 4

Artikel 4

Onderdeel van Verordening bodemsanering Tilburg

Het saneringsplan gaat vergezeld van eerder, met betrekking tot het geval van bodemverontreiniging, uitgevoerde onderzoek(en), inclusief risicobeoordeling. Onverminderd de eisen die op grond van artikel 39, eerste lid van de Wet bodembescherming aan een saneringsplan worden gesteld, dienen in het saneringsplan de volgende gegevens te worden vermeld: Algemene gegevens: 1° het adres, de kadastrale aanduiding (incl. datum) en een topografische kaart waarop de ligging van het grondgebied waarop de verontreiniging zich bevindt is aangegeven; 2° een kadastrale kaart (incl. datum en noordpijl), waarop het geval van (ernstige) bodemverontreiniging is aangegeven, die ten hoogste dertien weken voor de indiening van het saneringsplan door het kadaster is afgegeven; 3° een uittreksel van het kadaster waaruit de huidige eigendomssituatie blijkt, dat ten hoogste dertien weken voor de indiening van het saneringsplan door het kadaster is afgegeven; 4° de naam en het adres van degene die een zakelijk of een persoonlijk recht heeft op het grondgebied, bedoeld in artikel 4, lid 2, onder a, sub 1°, alsmede van de gebruiker daarvan; 5° een op de ligging van het grondgebied waarop de verontreiniging zich bevindt betrekking hebbende uitsnede uit de plankaart van het vigerende bestemmingsplan, alsmede de daarbij behorende bestemmingsplanvoorschriften; 6° het huidig en eventueel toekomstig gebruik van de locatie; 7° een beschrijving van de bodemkundige opbouw en geohydrologische situatie; 8° een beschrijving van de wijze waarop de milieukundige begeleiding en controle van de sanering plaatsvindt; 9° de te verwachten hoeveelheid af te graven grond en/of te onttrekken hoeveelheid grondwater; 10° de grootte van het totale oppervlak waarbij de interventiewaarde in grond en/of grondwater wordt overschreden; 11° de grootte van het totale volume waarbij de interventiewaarde in grond en/of grondwater wordt overschreden; 12° een ontgravingskaart en een grondwateronttrekkingskaart met noordpijl en grondwaterstromingsrichting en de invloed van de onttrekking op omgeving (isohypsen). 13° een tijdschema met een eventuele fasering, waarbij in ieder geval zijn aangegeven de datum waarop met de sanering zal worden begonnen, en de datum waarop de sanering naar verwachting zal zijn afgerond. 14° een beschrijving van de te treffen (geo)hydrologische en andere technische voorzieningen met de gekozen dimensionering en de invloed hiervan op de omgeving; 15° de gegevens over de hoeveelheid, kwaliteit en herkomst van de eventueel te gebruiken aanvulgrond; 16° een beschrijving van de wijze waarop de verschillende categorieën vrijkomende grond in depot worden gezet, inclusief een tekening waarop de plaats van het depot/ de depots staat aangegeven alsmede de beschermende voorzieningen. Onverminderd het bepaalde in artikel 39, eerste lid, van de Wet bodembescherming, kan het vermelden in het saneringsplan van gegevens, als bedoeld in lid 1 en 2, achterwege blijven indien: bij indiening van het plan wordt aangegeven welke gegevens ontbreken, inclusief de reden waarom de gegevens ontbreken, of; die gegevens naar het oordeel van het college niet noodzakelijk zijn voor de beoordeling van het saneringsplan. Wijziging saneringsplan

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel