[Zie artikel 14]
Onverminderd de eisen, die op grond van artikel 39d van de Wet bodembescherming aan het nazorgplan worden gesteld, dienen in het nazorgplan de volgende gegevens te worden vermeld:
Algemene gegevens:
1° een overzicht van betrokken personen en/of instanties, zoals naam- en adresgegevens, taken en verantwoordelijkheden;
2° het adres, de kadastrale aanduiding (incl. datum) en een kadastrale kaart waarop de ligging van het grondgebied waarop de verontreiniging zich bevindt is aangegeven;
3° het huidig en toekomstig gebruik van de locatie (inclusief bestemming).
Aanvangssituatie
1° een globale beschrijving van de sanering en de reden voor de achtergebleven bodemverontreiniging;
2° een beschrijving inclusief kaartmateriaal van de soort, omvang, mate en situering van de restverontreiniging in de grond en/of het grondwater;
3° een beschrijving van de locatie en omgeving, waaronder de bodemopbouw, geohydrologie en aanwezigheid van kwetsbare objecten en activiteiten in de omgeving.
Nazorgmaatregelen
1° de doelstelling van de nazorg;
2° een beschrijving van de nazorgmaatregelen en nazorgvoorzieningen met de verwachte levensduur daarvan, inclusief een:
kaart met daarop de ligging van de nazorgvoorzieningen inclusief doorsneden;
grondwateronttrekkingenkaart met noordpijl en grondwater-stromingsrichting en de invloed van de onttrekking op omgeving (isohypsen).
3° als de restverontreiniging wordt geïsoleerd, ook:
de wijze waarop instandhouding van de isolerende voorzieningen wordt gewaarborgd en gecontroleerd;
de wijze waarop het betrokken grondgebied in verband met het isoleren van de verontreiniging wordt beheerd;
de relatie tussen de restverontreiniging en eventuele gebruiksbeperkingen.
4° als de restverontreiniging wordt gemonitord, ook:
een monitoringsplan met bemonsteringsfrequentie, achtergrondwaarden, actiewaarden, meetmomenten en verwachte tijdsduur;
een weergave van de te verwachten verspreiding;
de plaats en filterstelling van de monitoringspeilbuizen;
de wijze waarop het ruimtegebruik de monitoring beïnvloedt.
5° een beschrijving van de gebruiksbeperkingen inclusief kaartmateriaal;
6° een beschrijving van de wijze van handelen bij calamiteiten.
Rapportage en evaluatie
1° de tijdstippen waarop de resultaten van de nazorg aan het bevoegd gezag worden overgelegd.
Onverminderd het bepaalde in artikel 39d, eerste lid, van de Wet bodembescherming, kan het vermelden in het nazorgplan van gegevens, als bedoeld in het eerste lid, achterwege blijven indien:
bij indiening van het plan wordt aangegeven welke gegevens ontbreken, inclusief de reden waarom de gegevens ontbreken, of;
die gegevens naar het oordeel van het college niet noodzakelijk zijn voor de beoordeling van het nazorgplan.
Toezicht en handhaving