**1..** De Klantenraad Werk en Bijstand telt tenminste negen en ten hoogste
dertien
leden.
**2..** De Klantenraad Werk en Bijstand wordt, met in acht name van het eerste
lid,
samengesteld uit: a. minimaal drie tot maximaal zes klanten,
minimaal drie tot maximaal zes vertegenwoordigers uit de
geleding belangen-
organisaties voor doelgroepen en
minimaal drie tot maximaal zes vertegenwoordigers uit de
geleding
professionele organisaties waarmee wordt samengewerkt in de
keten werk,
inkomen en zorg, waaronder begrepen organisaties van werkgevers
en werknemers.
**3..** De belangenorganisaties die vertegenwoordigers voor de Klantenraad Werk
en
Bijstand kunnen afvaardigen zijn vermeld in een door het college vast
te stellen
lijst van organisaties, welke lijst als bijlage bij de verordening is
opgenomen.
**4..** Het college kan de lijst van organisaties wijzigen. Een voorstel tot
wijziging
van de lijst van organisaties wordt om advies voorgelegd aan de
Klantenraad Werk
en Bijstand.
**5..** De leden van de Klantenraad Werk en Bijstand verrichten hun
werkzaamheden
zonder last met hun achterban. Dit laat onverlet het waar nodig voeren
van
ruggespraak met hun achterban.
**6..** Bij ernstig disfunctioneren van een lid kan de Klantenraad Werk en
Bijstand het
vertrouwen opzeggen. Als overleg tussen de voorzitter en het
betreffende lid
onvoldoende resultaat heeft, stelt de voorzitter het functioneren aan
de orde
bij de afvaardigende organisatie. Als dit niet leidt tot een voor allen
acceptabele
oplossing kan de Klantenraad Werk en Bijstand het college verzoeken
toepassing
te geven aan het eerste lid van artikel vier van deze verordening.
Artikel 3.
Samenstelling van de Klantenraad Werk en Bijstand.
Onderdeel van Verordening op de cliëntenparticipatie Wet werk en bijstand