**1..** Aan het eind van elk kalenderjaar stelt de commissie, op voorstel
van de secretaris, haar vergaderschema voor het nieuwe kalenderjaar
vast.
**2..** De commissie vergadert daarnaast zo dikwijls als de voorzitter het
nodig oordeelt of het door tenminste twee leden schriftelijk met
opgave van redenen wordt gevraagd.
**3..** De voorzitter bepaalt, in overleg met de secretaris van de
commissie, de voorlopige agenda van de vergadering.
**4..** De commissie stelt bij het begin van de vergadering de definitieve
agenda vast.
**5..** Een onderwerp, waarvan behandeling blijkens schriftelijk verzoek van
tenminste twee leden wordt verlangd, plaatst de voorzitter op de
voorlopige agenda van de eerstvolgende vergadering van de commissie.
**6..** In gevallen, ter beoordeling van de voorzitter, kan de commissie
schriftelijk worden geraadpleegd. Indien schriftelijke afdoening bij
een of meer leden op bezwaar stuit, geschiedt de behandeling van de
desbetreffende aangelegenheid in de eerstvolgende vergadering van de
commissie.
**7..** De voorzitter draagt er zorg voor dat plaats, dag en uur van de
openbare vergadering alsmede een opgave van de te behandelen
agendapunten ter openbare kennis worden gebracht. Een afschrift van
deze kennisgeving wordt ter kennisneming gezonden van de leden van
de raad, die geen lid zijn van de commissie en aan het college.
Paragraaf III.
Artikel 8.
Oproepen / vaststellen agenda.
Onderdeel van Verordening Commissie voor Bestuurlijke Vernieuwing 2002