Een gedraging in strijd met de volgende artikelen is een strafbaar feit in de zin van artikel 1a, onder 3º, Wet op de economische delicten:
Artikel 12 Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan anderen;
Artikel 13 Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen door anderen dan gebruikers van percelen;
Artikel 14 Afzonderlijk ter inzameling aanbieden;
Artikel 15 Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen via een inzamelmiddel voor de gebruiker van een perceel;
Artikel 16 Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen via een inzamelvoorziening ten behoeve van een groep percelen;
Artikel 17 Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen via inzamelvoorzieningen op wijkniveau;
Artikel 18 Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen via een brengdepot op lokaal of regionaal niveau;
Artikel 19 Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen zonder inzamelmiddel;
Artikel 20 Dagen en tijden voor het ter inzameling aanbieden;
Artikel 23 Ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan de inzameldienst;
Artikel 24 Het ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan een ander dan de inzameldienst;
Artikel 25 Voorkomen van diffuse milieuverontreiniging;
Artikel 26 Achterlaten van straatafval;
Artikel 27 Voorkomen van zwerfafval bij ter inzameling gereed staande afvalstoffen;
Artikel 28 Afvalbakken in inrichtingen voor het verbruiken van eet- en drinkwaren;
Artikel 29 Wegwerpen van reclamebiljetten of ander promotiemateriaal;
Artikel 30 Zwerfafval bij vervoeren, laden en lossen of overige werkzaamheden;
Artikel 31 Verbod op een voor het publiek zichtbare plaats aanwezig hebben van afvalstoffen;
Artikel 32 Afgifte autowrakken afkomstig uit een huishouden.