Burgemeester en wethouders kunnen voorschotten op de subsidie verlenen.
Voorschotten worden bij de vaststelling van de subsidie verrekend. Op aanzegging van burgemeester en wethouders stort een instelling te veel ontvangen voorschotten terug in de gemeentekas.
Indien blijkt dat meer aan voorschotten is verleend dan waarop de instelling ingevolge de vaststelling recht heeft, kunnen burgemeester en wethouders vooruitlopend op de subsidievaststelling:
bepalen dat het verschil wordt teruggestort in de gemeentekas;
het verschil in mindering brengen op te verstrekken voorschotten op andere subsidies.
Burgemeester en wethouders verlenen geen voorschotten op de subsidie zodra zij kennis hebben genomen van het ontbinden van een instelling, conservatoir beslag op (een deel van) het vermogen van een instelling, een ten aanzien van een instelling verleende surséance van betaling dan wel uitgesproken faillissement.
Burgemeester en wethouders kunnen het verlenen van voorschotten opschorten indien een instelling naar hun oordeel niet in voldoende mate de aan de toekenning van de subsidie verbonden verplichtingen nakomt.
Hoofdstuk
Artikel 43
– Voorschotten
Onderdeel van Algemene Subsidieverordening gemeente Pijnacker-Nootdorp 2004