De verkeersveiligheid mag niet in gevaar worden gebracht.
Het overige verkeer wordt zo min mogelijk gehinderd.
De ontheffing mag alleen gebruikt worden voor het doel waarvoor deze is verleend.
Indien er door het gebruik van de ontheffing, of het niet volgen van de aanwijzingen in de ontheffing, schade is ontstaan aan de weg of andere objecten in de openbare ruimte, zijn de herstelkosten voor rekening van de ontheffinghouder.
Wanneer met een ontheffing geparkeerd wordt in een voetgangersgebied of op een andere plaats waar parkeren verboden is, dient aan de volgende voorwaarden te worden voldaan:
er dient voldoende vrije ruimte over te blijven voor overig verkeer (minimaal 3,5 meter rijbaanbreedte);
het geparkeerde voertuig dient te allen tijde goed zichtbaar te zijn.
Artikel 13
Algemene voorwaarden die gelden voor alle ontheffingen van verkeersmaatregelen
Onderdeel van Besluit beleidsregels verlenen ontheffingen Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990