De leden van een commissie ontvangen, met uitzondering van de commissie genoemd in artikel 2, eerste lid onder j., met inachtneming van het bepaalde in artikel 18, eerste lid en artikel 19 van de Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2007, een vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen en voor reis- en verblijfkosten.
In afwijking van het bepaalde in het eerste lid ontvangen de leden van de hierna genoemde commissies, met inachtneming van het bepaalde in artikel 18, vierde lid van de Verordening rechtspositie, raads- en commissieleden 2007, voor het bijwonen van een vergadering de volgende vergoeding:
Plaatsingscommissie als bedoeld in artikel 2, eerste lid onder a.: 400% van het bedrag als bedoeld in artikel 18, eerste lid van de Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2007;
Bedenkingencommissie als bedoeld in artikel 2, eerste lid onder b.: 400% van het bedrag als bedoeld in artikel 18,eerste lid van de Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2007;
Toetsingscommissie als bedoeld in artikel 2, eerste lid onder c.: 400% van het bedrag als bedoeld in artikel 18, eerste lid van de Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2007;
Monumentencommissie als bedoeld in artikel 2, eerste lid onder e: overeenkomstig de jaarlijks met de Stichting Dorp, Stad en Land overeen te komen uurvergoeding.