Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf

Artikel 9

Uitoefening bevoegdheden

Onderdeel van Verordening Commissie Behandeling Bezwaarschriften

Voor de toepassing van deze verordening oefent de voorzitter van de commissie de volgende bevoegdheden uit: Het verlangen van een machtiging als bedoeld in artikel 2:1, tweede lid, van de wet. Het bieden van de gelegenheid tot het herstellen van een verzuim als bedoeld in dat artikel 6:6 van de wet. Het toezenden van stukken als bedoeld in artikel 6:13 van de wet aan een gemachtigde tijdens de behandeling door de commissie. Het afzien van het horen als bedoeld in artikel 7:3 van de wet. Het ter inzage leggen van stukken als bedoeld in artikel 7:4, tweede lid, van de wet. Het beslissen over geheimhouding van het verhandelde ter zitting als bedoeld in artikel 7:6, vierde lid, van de wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel