Naar hoofdinhoud
Een persoon als bedoeld in artikel 1, onder e, van deze verordening kan voor een voorziening als bedoeld in artikel 4:2, onderdeel a., in aanmerking worden gebracht wanneer aantoonbare plotselinge en onvoorzienbare beperkingen het normale gebruik van de huidige woning belemmeren. Een persoon als bedoeld in artikel 1, onder e, van deze verordening kan voor een voorziening als bedoeld in artikel 4:2 onderdeel b en c, in aanmerking worden gebracht indien verhuizen niet binnen een redelijke termijn te realiseren is óf indien verhuizing voor het wegnemen van de geconstateerde ergonomische beperkingen naar het oordeel van burgemeester en wethouders niet de goedkoopst adequate oplossing is, daarbij ook rekening houdend met eventuele aanpassingskosten van een andere woning. Een persoon als bedoeld in artikel 1, onder e, van deze verordening kan niet voor een woonvoorziening in aanmerking komen voor zover: deze een algemene woningverbetering (of achterstallig onderhoud) betreft; deze bij of krachtens de Wmo of de Wvg is verstrekt ten behoeve van deze persoon, korter dan 7 jaar geleden na het moment van verstrekking. Het primaat van de verhuizing wordt niet opgelegd indien de kosten van aanpassing lager zijn dan € 5.000,00.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel