De declaratie van vooruit betaalde kosten, bedoeld in de artikelen 5, 6,7, 13,14, 19 en 20, gebeurt schriftelijk en wordt binnen twee maanden ingediend:
indien het een wethouder betreft, bij de gemeentesecretaris of een door hem aangewezen ambtenaar en
indien het een raadslid betreft, bij de griffier of een door hem aangewezen ambtenaar, onder bijvoeging van de originele bewijsstukken.
Hoofdstuk
Artikel 22
Declaratie van vooruit betaalde kosten
Onderdeel van Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2007