**1..** Het college kan, in aanvulling op de verplichtingen die voortvloeien uit de wet, deze verordening en het beleidsplan, aan een voorziening nadere verplichtingen verbinden.
**2..** Het college kan een voorziening beëindigen:
indien de persoon die van de voorziening gebruikmaakt zijn verplichtingen niet nakomt;
indien de persoon die van de voorziening gebruikmaakt niet meer behoort tot de doelgroep van de wet;
indien de persoon die van de voorziening gebruikmaakt algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt, waarbij geen gebruik wordt gemaakt van deze voorziening;
indien de voorziening naar het oordeel van het college onvoldoende bijdraagt aan een snelle arbeidsinschakeling.
**3..** Het college kan ten aanzien van voorzieningen, met inachtneming van hetgeen daarover in het beleidsplan is bepaald, nadere regels stellen. Deze regels kunnen betrekking hebben op:
voorwaarden waaronder een voorziening wordt aangeboden;
weigeringsgronden voor het in aanmerking komen van noodzakelijk geachte voorzieningen;
de betaling van subsidies en het verlenen van voorschotten;
het vragen van een eigen bijdrage;
overige criteria voor het aanbieden van voorzieningen en het verstrekken van subsidies.
**4..** De scholing of opleiding die het college in het kader van artikel 10a, vijfde lid als voorziening aanbiedt, dient aan te sluiten bij de krachten en bekwaamheden van belanghebbende (zie ook artikel 3, tweede lid).
Hoofdstuk 3
Artikel 9
Algemene bepalingen over voorzieningen
Onderdeel van Re-integratieverordening WWB, IOAW en IOAZ 2010