Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt verstaan onder:
rechthebbende:degene die krachtens een zakelijk of persoonlijk recht de beschikking heeft over enig onroerend goed;
kampeerplaats:terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht, en blijkens die inrichting bestemd, om daarop gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van kampeermiddelen ten behoeve van recreatief nachtverblijf;
gebouw: een bouwwerk, niet zijnde een kampeerplaats, waarvoor ingevolge de Woningwet een bouwvergunning is vereist;
jaarstandplaats: het terreingedeelte dat bestemd is voor het plaatsen van een kampeermiddel dat gedurende het gehele jaar aldaar aanwezig mag zijn;
seizoensstandplaats: het terreingedeelte dat bestemd is voor het plaatsen ven een kampeermiddel voor ten hoogste de periode 15 maart tot 31 oktober;
toeristische standplaats:het terreingedeelte dat bestemd is voor het plaatsen van een kampeermiddel, niet zijnde een bouwwerk, dat slechts gedurende een beperkte periode van ten hoogste enige weken aanwezig is;
kampeermiddel:een tent, caravan of camper;
agrarisch bedrijf:onder agrarisch bedrijf wordt verstaan een bedrijf dat bestemd is, en gebruikt wordt, voor het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of het houden of het fokken van vee.