Het isverboden op door het college in het belang van het
uiterlijk aanzien van de gemeente, ter voorkoming of
opheffing van overlast dan wel voorkoming van schade aan de
openbare gezondheid aangewezen plaatsen, buiten een
inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, in de
openlucht of buiten de weg de volgende voorwerpen of stoffen
op te slaan, te plaatsen of aanwezig te hebben:
onbruikbare of aan hun oorspronkelijke bestemming
onttrokken voer- of vaartuigen of onderdelen
daarvan;
bromfietsen en motorvoertuigen of onderdelen
daarvan;
kampeermiddelen als bedoeld in artikel 4:17 of
onderdelen daarvan, indien het plaatsen of aanwezig
hebben daarvan geschiedt voor verkoop of verhuur of
anderszins voor een commercieel doel; of
mestopslag, gierkelders of andere verzamelplaatsen
van vuil, een verzameling ingekuild gras, loof of
pulp of ingekuilde landbouwproducten,
afbraakmaterialen en oude metalen.
Het is verboden op een door het college aangewezen plaats
een bepaald voorwerp of bepaalde stof op te slaan, te
plaatsen of aanwezig te hebben.
Het college kan bij de aanwijzing nadere regels
stellen.
Dit artikel is niet van toepassing op situaties waarin wordt
voorzien krachtens de Wet ruimtelijke ordening of door of
krachtens de Provinciale Verordening .
Artikel 4:14 Stankoverlast door gebruik van meststoffen
[gereserveerd] Artikel 4:15 Verbod hinderlijke of gevaarlijke
reclame
Het is verboden op of aan een onroerende zaak handelsreclame
te maken of te voeren door middel van een opschrift,
aankondiging of afbeelding waardoor het verkeer in gevaar
wordt gebracht, ernstige hinder ontstaat voor de omgeving of
het uiterlijk aanzien van de gemeente wordt aangetast.
Voor de toepassing van het eerste lid kan het college nadere
regels stellen.
Het verbod geldt niet voor onverlichte:
opschriften, aankondigingen en afbeeldingen in het
inwendig gedeelte van een onroerende zaak, die niet
kennelijk gericht zijn op zichtbaarheid vanaf de
weg;
opschriften of aankondigingen op of aan onroerende
zaken, daartoe aangewezen door de overheid;
opschriften of aankondigingen kleiner dan 0,50 m2 en
de langste zijde korter dan 1 meter, geplaatst op
eigen terrein met een maximum van 1 stuk, die
betrekking heeft op:
openbare verkoping of een aanbieding ter
verkoop, verhuur of verpachting van een onroerende
zaak, zulks voor zolang zij feitelijke betekenis
hebben;
het beroep, de dienst, of het bedrijf dat in
of op de onroerende zaak wordt uitgeoefend of
waarvoor die zaak is bestemd;
opschriften die betrekking hebben op de naam of aard
van in uitvoering zijnde bouwwerken of op de namen
van degenen die bij het ontwerp of de uitvoering van
het bouwwerk betrokken zijn, mits deze opschriften
zijn aangebracht op borden bij of op de in
uitvoering zijnde bouwwerken zelf en hiervoor een
bouwvergunning is verleend, zulks voor zolang zij
feitelijke betekenis hebben;
opschriften of aankondigingen op of aan onroerende
zaken dienstbaar aan het openbaar vervoer, indien
deze zijn aangebracht ten dienste van dat
vervoer;
opschriften of aankondigingen van tijdelijke aard
mits deze betrekking hebben op een door het college
afgegeven vergunning voor een evenement op grond van
artikel 2:25 Algemene plaatselijke verordening, niet
langer dan voor de looptijd van deze vergunning en
wanneer wordt voldaan aan het gestelde in artikel
2:10 Algemene plaatselijke verordening;
Het eerste lid is niet van toepassing op situaties waarin
wordt voorzien door het Besluit algemene regels voor
inrichtingen milieubeheer.
Artikel 4:16 Vergunningplicht lichtreclame [gereserveerd]
AFDELING 5. KAMPEREN BUITEN KAMPEERTERREINEN Artikel 4:17
Begripsbepaling In deze afdeling wordt onder kampeermiddel verstaan:
een onderkomen of voertuig waarvoor geen omgevingsvergunning voor
het bouwen in de zin van artikel 2.1, eerste lid onder a van de Wet
algemene bepalingen omgevingsrecht is vereist, dat bestemd of
opgericht is dan wel gebruikt wordt of kan worden gebruikt voor
recreatief nachtverblijf.