**1..** Het is verboden om in een archeologisch monument, bedoeld in artikel 1, onder a, sub 2 of een archeologisch verwachtingsgebied, bedoeld in artikel 1, onder h en i, de bodem te verstoren.
**2..** Het verbod in lid 1 is niet van toepassing indien:
het een verstoring betreft van een archeologisch monument of archeologisch verwachtingsgebied als aangegeven op de provinciale Archeologische Monumentenkaart, landelijke Indicatieve Kaart van Archeologische Waarden of de gemeentelijke basis- en beleidsadvieskaart en waarbij die verstoring plaatsvindt volgens de “Bestemmingsplan regels voor archeologie/archeologische verwachtingen” van gemeente Noordoostpolder.
sprake is van een activiteit als bedoeld in artikel 2.1 en 2.2 van de Wabo en hiervoor voorschriften zijn opgenomen omtrent archeologische monumentenzorg;
het college nadere regels stelt met betrekking tot de uitvoering van werkzaamheden die leiden tot een verstoring van een archeologisch monument of archeologisch verwachtingsgebied als aangegeven op gemeentelijke archeologische kaart of de gemeentelijke beleidsadvieskaart; of
een rapport is overgelegd waarin de archeologische waarde van het te verstoren terrein naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld en waaruit blijkt dat:
- het behoud van de archeologische waarden in voldoende mate kan worden geborgd; of
- de archeologische waarden door de verstoring niet onevenredig worden geschaad; of
- in het geheel geen archeologische waarden aanwezig zijn.
Hoofdstuk 5
Artikel 16
Instandhoudingbepaling
Onderdeel van Erfgoedverordening 2012 gemeente Noordoostpolder