Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK VII

Artikel 46

Artikel 46

Onderdeel van Verordening op het beheer van het gemeentelijk grondbedrijf

1.. Jaarlijks vóór 1 juli zendt de administrateur aan burgemeester en wethouders een door hem opgestelde en ondertekende rekening over het afgelopen boekjaar met daarbij behorende bijlagen. De rekening wordt door de coördinator voor gezien getekend. Gelijktijdig met de rekening wordt in een verslag een verkorte weergave gegeven van de activiteiten van het bedrijf in het afgelopen jaar en tevens een prognose van de activiteiten in de eerstkomende jaren. Voorts kunnen per complex belangrijke bijzonderheden worden weergegeven. Het verdient aanbeveling om aan te geven welke risico's binnen het grondbedrijf worden gelopen en in welke mate de reserves toereikend zijn om eventuele verliezen in de toekomst op te vangen. Indien en voor zover de rekening de coördinator aanleiding geeft tot het maken van opmerkingen, doet hij daarvan na overleg met de administrateur schriftelijk mededeling aan burgemeester en wethouders. 2.. Burgemeester en wethouders leggen jaarlijks binnen 10 maanden na afloop van het boekjaar, doch uiterlijk tegelijk met de aanbieding ter voorlopige vaststelling van de gemeenterekening over datzelfde jaar, aan de raad verantwoording af over het gevoerde beheer, onder overlegging van de in artikel 265 van de gemeentewet genoemde stukken.

Rechtspraak bij dit artikel