Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Uitoefening bevoegdheden

Onderdeel van Verordening Bezwaarschriftencommissie

1.. De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de Awb worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van de commissie: artikel 2:1, tweede lid; artikel 6:6, wat betreft het de indiener stellen van een termijn; artikel 6:17, voor zover het de verzending van stukken betreft tijdens de behandeling door de commissie; artikel 7:4, tweede lid; artikel 7:6, vierde lid. 2.. De bevoegdheden van de voorzitter zoals genoemd in het eerste lid en de artikelen 8, 12 derde lid, en 14 kunnen, ingeval het horen met toepassing van artikel 7:13, derde lid van de Awb geschiedt door één lid van de commissie, door dat lid worden uitgeoefend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel