De opsporing van de in deze verordening strafbaar gestelde feiten is, naast de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering genoemde opsporingsambtenaren, opgedragen aan de door burgemeester en wethouders van de gemeente Steenwijkerland aangewezen, in artikel 142 van het Wetboek van Strafvordering genoemde opsporingsambtenaren.