Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 15.

Verlies van passende en toereikende voorliggende voorziening door toepassing van bestuurlijke boete

Onderdeel van Maatregelverordening gemeente Arnhem

Fraude met uitkeringen wordt vanaf 1-1-2013 bestraft met hoge bestuurlijke boetes (100% van het benadelingsbedrag bij de eerste keer schending inlichtingenplicht, 150% bij herhaling). Bij herhaalde schending van de inlichtingenplicht bij andere sociale zekerheidswetten zoals de WW, de WIA en de IOAW is het uitvoeringsorgaan verplicht de recidiveboete te verrekenen met de uitkering zonder inachtneming van de beslagvrije voet. Wanneer er geen vermogen of geen partner met inkomsten is, kan dit ertoe leiden dat iemand geen middelen van bestaan meer heeft. Door het feitelijk wegvallen van een passende en toereikende voorliggende voorziening raakt de belanghebbende dan verwijtbaar aangewezen op bijstand. In zo’n geval is sprake van ernstig tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan. De bijstandsafhankelijkheid is ontstaan door herhaald frauderen met een andere uitkering. Aangezien dit een gedraging is die vergelijkbaar is met het frauderen met een bijstandsuitkering is de maatregel voor deze gedraging op zodanige wijze vormgegeven dat deze hetzelfde effect bewerkstelligt als voor bijstandsgerechtigden die zich geconfronteerd zien met verrekening van de recidiveboete op grond van de Verordening bestuurlijke boete bij recidive. De duur van de maatregel is altijd drie maanden, vergelijkbaar met de periode waarover een recidiveboete kan worden verrekend zonder inachtneming van de beslagvrije voet. De hoogte van de maatregel is afhankelijk gesteld van de mate waarin de belanghebbende in staat is in zijn bestaan te voorzien met de gelden waarover hij redelijkerwijs kan beschikken. Schematisch: bedragen die gelden 3 x toepasselijke bijstandsnorm of meer : maatregel van 3 maanden 100% 2 tot 3 x toepasselijke bijstandsnorm: maatregel van 2 maanden 100% en 1 maand 20% minder dan 2 x toepasselijke bijstandsnorm: maatregel van 1 maand 100% en 2 maanden 20%.

Rechtspraak bij dit artikel