Naar hoofdinhoud
1.. Het is degene die er zijn bedrijf, nevenbedrijf dan wel een gewoonte van maakt voertuigen te stallen, te herstellen, te slopen, te verhuren of te verhandelen, verboden: drie of meer voertuigen die hem toebehoren of zijn toevertrouwd, op de weg te parkeren binnen een cirkel met een straal van 25 meter met als middelpunt een dezer voertuigen; of de weg als werkplaats voor voertuigen te gebruiken. 2.. Onder verhuren als bedoeld in het eerste lid wordt mede verstaan: het gebruiken van een voertuig voor het geven van lessen; of het gebruiken van een voertuig voor het vervoeren van personen tegen betaling. 3.. Tot de voertuigen bedoeld in het eerste lid worden niet gerekend: voertuigen waaraan herstel- of onderhoudswerkzaamheden worden verricht die in totaal niet meer dan een uur vergen, zulks gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt voor deze werkzaamheden; voertuigen gebezigd voor persoonlijk gebruik van de in het eerste lid genoemde persoon. 4.. Het college kan van het verbod ontheffing verlenen.

Rechtspraak bij dit artikel