Voordat een maatregel wordt opgelegd, wordt belanghebbende in de
gelegenheid gesteld zijn zienswijze naar voren te brengen.
Het horen van belanghebbende kan achterwege worden gelaten
indien:
de vereiste spoed zich daartegen verzet;
belanghebbende reeds eerder in de gelegenheid is gesteld
zijn zienswijze naar voren te brengen en sindsdien zich
geen nieuwe feiten of omstandigheden hebben
voorgedaan;
het college het horen niet nodig acht voor het
vaststellen van de ernst van de gedraging of de mate van
verwijtbaarheid.
Hoofdstuk
Artikel 5.
Horen van belanghebbende
Onderdeel van Handhavings- en maatregelenverordening inkomensvoorzieningen 2013