Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 25

Wijzigen en intrekken van standplaatsvergunning

Onderdeel van Standplaatsenverordening

1.. Het college kan een standplaatsvergunning al dan niet voorwaardelijk wijzigen of intrekken, dan wel telkens voor ten hoogste 4 dagen schorsen indien: de rechthebbende de in deze verordening opgenomen bepalingen overtreedt; van de plaats gebruik wordt gemaakt, strijdig met het doel waarvoor zij is bestemd; de rechthebbende zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog; voor de uitvoering van werken en andere gewichtige redenen; indien de standplaatshouder zijn standplaats niet inneemt gedurende de in de vergunning genoemde uren, zulks met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 15 en 16. indien de rechthebbende niet of niet tijdig de standplaatsrechten voldoet. 2.. de standplaatshouder kan wegens het zich voordoen van de onder lid 1 genoemde omstandigheden gelast worden zijn standplaats onmiddellijk te ontruimen en zich van de locatie te verwijderen. 3.. Het college kan een toewijzing van een standplaats wijzigen of intrekken indien de bezetting van de standplaats leidt tot een in artikel 3 genoemde omstandigheid. 4.. Bij de toepassing van de sancties wordt uitgegaan van de “Richtlijnen sanctiebeleid in het kader van de Marktverordening en het Reglement warenmarkten”.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel