Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Voorzitter

Onderdeel van Verordening op de Opinieraden 2013

1. De voorzitters en plaatsvervangende voorzitters van de Opinieraden worden door de raad benoemd. Zij kunnen elkaar onderling vervangen. Voorzitters van de opinieraden zijn tevens voorzitters van de themaraden. 2. De voorzitter is geen deelnemer. Ook de plaatsvervangend voorzitter is, wanneer deze als voorzitter fungeert, geen deelnemer. 3. De voorzitter is belast met: a. het leiden van de bijeenkomst; b. het uitnodigen van aanwezigen deel te nemen; c. het verlenen van het woord aan de deelnemers; d. het formuleren van nog openstaande vragen; e. het vastleggen van de toezeggingen; f. het concluderen dat het onderwerp: - wordt geagendeerd voor een volgende bijeenkomst; - in handen wordt gesteld van het college; - kan worden geagendeerd als hamerstuk voor de besluitraad c.q. als debatstuk voor de raad wordt geagendeerd; g. het handhaven van de orde. De voorzitter bewaakt de orde van de vergadering, maar ook de deelnemers dragen hun verantwoordelijkheid; h. het doen naleven van deze regeling, in gevallen waarin deze verordening niet voorziet beslist de voorzitter.

Rechtspraak bij dit artikel