Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2

Artikel 2

Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden

Onderdeel van Bomenverordening Nijkerk

1.. Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag: buiten de bebouwde kom houtopstand te vellen of te doen vellen; binnen de bebouwde kom een boom te vellen of doen vellen die voorkomt op de lijst als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van deze verordening. 2.. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor houtopstanden, die op bosbouwkundige of bedrijfseconomische wijze worden geëxploiteerd, indien het betreft: populieren en wilgen als wegbeplantingen en éénrijige beplantingen op of langs landbouwgronden, tenzij deze zijn geknot; fruitbomen, en windschermen om boomgaarden; fijnsparren of andere coniferen, niet ouder dan twaalf jaar, bestemd om te dienen als kerstbomen en geteeld op daarvoor in het bijzonder bestemde terreinen; kweekgoed; houtopstand, die deel uitmaakt van als zodanig bij het Bosschap geregistreerde bosbouw-ondernemingen en niet gelegen is binnen een bebouwde kom tenzij de houtopstand een zelfstandige eenheid vormt en, ofwel geen grotere oppervlakte beslaat dan 10 are, ofwel in geval van rijbeplanting, gerekend over het totale aantal rijen, niet meer bomen omvat dan 20; 3.. Het in het eerste lid gesteld verbod geldt verder niet voor: Het in opdracht van de burgemeester, ter bescherming van openbare orde of veiligheid, direct vellen van een boom, indien sprake is van grote gevaarzetting of vergelijkbaar spoedeisend belang. Houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantenziektenwet of krachtens een aanschrijving of last van het college, zulks onverminderd het bepaalde in de artikelen 14 en 16 van deze verordening. Het periodiek vellen van hakhout en knotten en kandelaberen van bomen, met uitzondering van de eerste keer, ter uitvoering van het reguliere onderhoud.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel