De subsidie als bedoeld in artikel 2, tweede lid, kan bestaan uit:
bijdrage in de kosten voor externe ondersteuning bij het opsporen van duurzame verbeteringsopties;
bijdrage in de kosten voor onderzoek naar de haalbaarheid van concrete duurzame verbeteringsmaatregelen;
bijdrage in de kosten voor de invoering van concrete duurzame verbeteringsmaatregelen.
Opsporen duurzame collectieve verbeteropties.