Het college verleent de huisvestingsvergunning indien aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
het huishouden dat de huisvestingsvergunning aanvraagt behoort tot de ingevolge paragraaf 2.4 aangewezen categorieën van woningzoekenden die voor het verkrijgen van een huisvestingsvergunning in aanmerking komen;
de woonruimte wordt met toepassing van het bepaalde in paragraaf 2.5 passend geacht voor het huishouden dat de huisvestingsvergunning aanvraagt;
er is voor de woonruimte geen ander huishouden ingeschreven in het in artikel 2.2.1 bedoelde register, dat gegadigde is voor de woonruimte en waarvoor met toepassing van het bepaalde in paragraaf 2.6 (urgentie) en/of 2.7 (voordracht) de voorziening in de behoefte aan woonruimte dringender noodzakelijk is. Deze voorwaarde is alleen van toepassing indien de woonruimte niet door de eigenaar ervan betrokken wordt.
In geval van een nieuwbouw-koopwoning is niet eerder aan de koper of diens partner een nieuwbouw-koopwoning onder de koopprijsgrens toegewezen, die in (mede-)eigendom is aanvaard.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.3
Artikel 2.3.3
Criteria voor vergunningverlening
Onderdeel van Huisvestingsverordening Nijkerk 2007