Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Huisvestingsverordening Nijkerk 2007

In deze verordening wordt verstaan onder: wet: de Huisvestingswet; besluit: het Huisvestingsbesluit; woningzoekende: het huishouden dat in het register als bedoeld in artikel 2.2.1 is ingeschreven; regio: het grondgebied van de gemeenten Nijkerk, Barneveld, Scherpenzeel, Ede en Wageningen; gebied: het grondgebied van de gemeenten Nijkerk, Barneveld, en Scherpenzeel; huishouden: een alleenstaande, dan wel twee of meer personen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren of willen gaan voeren; huisvestingsvergunning: de vergunning, bedoeld in artikel 7 van de wet; ingezetene: degene die in een van de gemeenten in het gebied is ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie en feitelijk in die gemeente hoofdverblijf heeft in een voor permanente bewoning aangewezen woonruimte; woonruimte: besloten ruimte die, al dan niet te zamen met een of meer andere ruimten, bestemd of geschikt is voor bewoning door een huishouden; onzelfstandige woonruimte: woonruimte, niet zijnde woonruimte bestemd voor inwoning, welke geen eigen toegang heeft en welke niet door een huishouden kan worden bewoond, zonder dat dit daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte; inwoning: het bewonen van een woonruimte die onderdeel uitmaakt van een woonruimte die door een ander huishouden in gebruik is genomen; standplaats: een standplaats als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e van de wet; woonwagen: een woonwagen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel f, van de wet; bewoning: met bestemming tot bewoning wordt bedoeld dat men daar permanent woont en daar zijn hoofdverblijf heeft, zoals bedoeld in de Wet gemeentelijke basisadministratie (Wet GBA); inkomen: het rekeninkomen als bedoeld in artikel 1, onderdeel i, van de Wet op de huurtoeslag; huurprijsgrens: het daaromtrent in artikel 6, derde lid, onderdeel b, van de wet bepaalde; huurprijs: het daaromtrent in artikel 1, eerste lid, onderdeel j, van de wet bepaalde; koopprijs: de prijs die voor de enkele koop van een woonruimte daadwerkelijk is of zal worden betaald; standplaatszoekende: degene die in het register van woningzoekenden als zodanig is ingeschreven; economische binding: het daaromtrend in artikel 1, eerste lid, onder l, van de wet bepaalde; maatschappelijke binding: het daaromtrend in artikel 1, eerste lid, onder m, van de wet bepaalde, met dien verstande dat een maatschappelijke binding in elk geval wordt aangenomen ten aanzien van personen die tenminste drie jaar onafgebroken ingezetene zijn van het gebied, dan wel gedurende de voorafgaande tien jaar tenminste zes jaren onafgebroken ingezetene zijn geweest van het gebied dan wel gedurende de voorafgaande tien jaar tenminste vier jaar ingezetene zijn geweest van de gemeente Nijkerk en vanwege het volgen van een voltijdse studie of school de gemeente hebben verlaten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel