**1..** Burgemeester en wethouders kunnen ambtshalve of op schriftelijk verzoek van belanghebbende besluiten tot het kwijtschelden van teruggevorderde bijstand, inkomensvoorziening, uitkering Ioaw/Ioaz of kosten van subsidies en voorschotten in het kader van de Wko indien:
a. redelijkerwijs is te voorzien dat de belanghebbende niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden; en
b. redelijkerwijs is te voorzien dat een schuldenregeling met betrekking tot alle vorderingen van de overige schuldeisers zonder een zodanig besluit niet tot stand zal komen; en
c. de vordering van de gemeente ten minste zal worden voldaan naar evenredigheid met de vorderingen van de schuldeisers van gelijke rang.
**2..** Het besluit tot kwijtschelding treedt niet in werking voordat een schuldenregeling tot stand is gekomen.
**3..** Van kwijtschelding als bedoeld in lid 1 wordt afgezien indien:
a. de schuld is ontstaan als gevolg van schending van de inlichtingenplicht als bedoeld in artikel 17 Wwb, 13 Ioaw/Ioaz, artikel 30 c, tweede lid, en 3 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen of 28 Wko dan wel als gevolg van afstemming als bedoeld in artikel 18, tweede lid ,Wwb of artikel 20 Ioaw/Ioaz;
b. de vordering wordt gedekt door pand of hypotheek op een zaak of zaken en voor zover de vordering op die zaken verhaald kan worden.
Hoofdstuk
Artikel 5
Schulden aan gemeente Tubbergen en minnelijke schuldregeling
Onderdeel van Beleidsregels terugvordering inkomensvoorzieningen Tubbergen 2013