De uitstroompremie genoemd in artikel 10 lid 2 sub f ( 1e volzin) van de verordening wordt vastgesteld op € 750,- per kalenderjaar.
De premie als bedoeld in lid 1 van dit artikel wordt verstrekt aan de uitkeringsgerechtigde die
langer dan 12 maanden onafgebroken een uitkering op grond van de Wwb, de Ioaw of de Ioaz ontvangt of alleenstaande ouder is of arbeidsgehandicapte en
arbeid in dienstbetrekking aanvaardt gedurende minimaal 6 maanden met een omvang van tenminste 10 uur per week en niet in aanmerking komt voor een vrijlating van inkomsten als bedoeld in artikel 31, tweede lid onder o van de Wwb.
De uitstroompremie geldt niet voor uitkeringsgerechtigden of niet uitkeringsgerechtigden (NUG) jonger dan 27 jaar.