**1..** Het college bepaalt welke voorzieningen in elk geval kunnen worden aangeboden, alsmede de voorwaarden die daarbij gelden voor zover daarover in deze verordening geen nadere bepalingen zijn opgenomen.
**2..** Het college kan, in aanvulling op de verplichtingen die voortvloeien uit de wet en deze verordening, aan een voorziening nadere verplichtingen verbinden.
**3..** Het college kan een voorziening beëindigen:
indien de persoon die aan de voorziening deelneemt zijn verplichting als bedoeld in de artikelen 9 en 17 van de wet niet nakomt;
indien de persoon die deelneemt niet meer behoort tot de doelgroep van deze verordening;
indien de persoon algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt, waarbij geen gebruik wordt gemaakt van deze voorziening;
indien naar het oordeel van het college de voorziening onvoldoende bijdraagt aan arbeidsinschakeling.
**4..** Bij uitvoeringsbesluit kan het college ten aanzien van het reïntegratiebeleid en de voorzieningen, als bedoeld in dit artikel, nadere regels stellen. Deze regels kunnen betrekking hebben op:
het aanbod van voorzieningen;
het aanbod van scholing of opleiding als bedoeld in artikel 9 lid 8 en 9 en artikel 10a lid 5 van de wet;
de voorwaarden waaronder een voorziening wordt aangeboden;
de weigeringsgronden bij het aanbieden van voorzieningen;
de intrekking of wijziging van de subsidieverlening of -vaststelling;
de aanvraag van- en de besluitvorming over subsidies;
de betaling van subsidies en het verlenen van voorschotten;
overige criteria voor het aanbieden van voorzieningen en het verstrekken van subsidies.
de hoogte van het premiebedrag als bedoeld in artikel 10a lid 6 van de wet.
HOOFDSTUK 3
Artikel 8
Algemene bepalingen over voorzieningen
Onderdeel van Reïntegratieverordening Wet werk en bijstand 2009