**1..** De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven van degene
die het motorvoertuig heeft geparkeerd.
**2..** Als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd wordt mede
aangemerkt:
degene die de belasting voldoet, dan wel te kennen geeft of
heeft gegeven de belasting te willen voldoen;
zolang geen voldoening van de belasting genoemd in artikel 2,
onderdeel a, heeft plaatsgevonden: de houder van het
motorvoertuig, met dien verstande dat:
als een voor ten hoogste drie maanden aangegane huurovereenkomst
wordt overlegd waaruit blijkt wie ten tijde van het parkeren
ingevolge deze overeenkomst de huurder van het motorvoertuig
was. Niet de houder maar de huurder wordt aangemerkt als degene
die het motorvoertuig heeft geparkeerd;
als blijkt dat een ander in het kentekenregister had moeten
staan ingeschreven, die ander wordt aangemerkt als degene die
het motorvoertuig heeft geparkeerd;
De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a wordt niet
geheven van degene die op de voet van het tweede lid, onderdeel
b, als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd wordt
aangemerkt, als deze aannemelijk maakt dat ten tijde van het
parkeren een ander tegen zijn wil van het motorvoertuig heeft
gebruik gemaakt en dat hij dit gebruik redelijkerwijs niet heeft
kunnen voorkomen;
De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven
van degene die de vergunning heeft aangevraagd.