Zij die belast zijn met het toezicht op de naleving of de opsporing van een overtreding van de bij of krachtens deze verordening gegeven voorschriften welke strekken tot handhaving van de openbare orde of veiligheid of bescherming van het leven of de gezondheid van personen, zijn bevoegd tot het binnentreden in een woning zonder toestemming van de bewoner. Bij de uitoefening van deze bevoegdheid dient het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene wet op het binnentreden in acht te worden genomen.
(wijkt af van VNG-model)