De zijdelingse begrenzing van een bouwwerk moet ten opzichte
van de zijdelingse grens van het erf zodanig zijn gelegen
dat tussen dat bouwwerk en de op het aangrenzende erf
aanwezige bebouwing geen tussenruimten ontstaan die:
a. vanaf de hoogte van het erf tot 2,2 meter daarboven
minder dan 1 meter breed zijn;
b. niet toegankelijk zijn.
Bebouwing van ondergeschikte aard op het erf of op het aangrenzende
erf wordt hierbij buiten beschouwing gelaten.
2.Het bevoegd gezag kan de omgevingsvergunning verlenen in afwijking
van het bepaalde in het eerste lid, indien voldoende mogelijkheid
aanwezig is voor reiniging en onderhoud van de vrij te laten
ruimte.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 5
Artikel 2.5.17
Ruimte tussen bouwwerken
Onderdeel van Bouwverordening Loon op Zand 2012