**1..** De verantwoording van het persoonsgebonden budget door de budgethouder aan het college vindt steekproefsgewijs plaats, waarbij de steekproef minimaal een omvang heeft van 10 % van de verstrekte persoonsgebonden budgetten, na afloop van de verstrekking dan wel na afloop van enig kalenderjaar.
**2..** Met uitzondering van budgethouders voor verhuizen, gebruik van eigen auto, taxi of rolstoeltaxi, dient iedere budgethouder de volgende stukken te bewaren:
de nota/factuur van de aangeschafte/gehuurde voorziening;
een betalingsbewijs van aanschaf/huur van de voorziening;
of:
bescheiden en tekeningen, welke betrekking hebben op de woningaanpassing;
betalingsbewijzen van de woningaanpassing;
of:
een overzicht van de salarisadministratie met bewijsmiddelen;
indien van toepassing een nota van het lidmaatschap van Per Saldo.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.6
Verantwoording van het persoonsgebonden budget
Onderdeel van Nadere regels individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning Nijkerk