**1..** De vergunning kan worden ingetrokken of gewijzigd:
indien ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel onvolledige
gegevens blijken te zijn verstrekt;
indien op grond van een verandering van de omstandigheden of
inzichten, opgetreden na het verlenen van de vergunning,
moet worden aangenomen dat intrekking of wijziging wordt
gevorderd door het belang of de belangen ter bescherming
waarvan de vergunning is vereist;
indien de aan de vergunning verbonden voorschriften niet
zijn of worden nagekomen.
**2..** De vergunning vervalt:
indien met de lozing binnen een jaar na datum van afgifte
van de vergunning geen begin is gemaakt;
indien er langer dan een jaar geen lozing heeft
plaatsgehad;
wanneer de houder van de vergunning schriftelijk heeft
verklaard van de vergunning geen gebruik te maken c.q. te
zullen maken.
**3..** Artikel 13 is van overeenkomstige toepassing.
Hoofdstuk 4.
Artikel 21
Intrekking of wijziging van vergunning.
Onderdeel van Lozingsverordening riolering