**1..** Onverminderd het bepaalde in de artikelen 2 tot en met 6 is het
verboden op de riolering op enigerlei wijze afvalstoffen te
lozen die door samenstelling, eigenschappen of hoeveelheid:
gevaar, schade of hinder kunnen opleveren voor de
rioolwaterzuiveringsinstallatie of enig ander werk dat
de waterbeheerder in beheer heeft en waarop de riolering
is aangesloten of voor de goede werking daarvan;
schadelijk of verontreinigd kunnen zijn voor het
ontvangende oppervlaktewater.
**2..** Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voor:
het lozen van afvalstoffen in het kader van het normale
huishoudelijke gebruik dat van een woonruimte wordt
gemaakt;
het lozen van afvalstoffen van normaal huishoudelijke
aard vanuit mobiele lozingsbronnen zoals
toiletwagens.