Het college verstrekt een éénmalige premie aan de bijstandsgerechtigde op grond van artikel 31 lid 2 sub j WWB onder de volgende voorwaarden :
er moet sprake zijn van duurzame uitstroom uit de uitkering; dit betekent dat tenminste zes maanden aaneengesloten moet zijn gewerkt;
er moet tenminste drie jaar aaneengesloten een uitkering (WWB) zijn ontvangen;
de premie kan maximaal éénmaal per drie jaar worden verstrekt;
de hoogte van de premie bedraagt driemaal de langdurigheidstoeslag naar de norm voor een echtpaar;
uitbetaling van deze premie vindt achteraf plaats.