Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Afdeling 3.

Artikel 4:10

Begripsbepalingen

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening gemeente Bergen 2013

1.In deze afdeling wordt verstaan onder: a. boom: Een houtachtig, opgaand gewas met een omtrek van de stam van minimaal 63 cm (ca. 20 cm diameter) op 1,3 meter hoogte boven het maaiveld. In geval van meerstammigheid geldt de omtrek van de dikste stam. b. houtopstand: - één of meer bomen of boomvormers, - een houtwal, - een beplanting van bosplantsoen, - vlak- en lijnvormige landschapselementen waar bomen en struiken onderdeel van uitmaken. c. bebouwde kom: de bebouwde kom van de gemeente, vastgesteld ingevolge artikel 1, vijfde lid, van de Boswet; d. monumentale boom: Boom die als zodanig vermeld staat op de, overeenkomstig artikel 4:11d, door het college van burgemeester en wethouders vastgestelde lijst van monumentale bomen; e. vellen: Rooien; kappen; verplanten; het snoeien van meer dan 25 procent van de kroon of het wortelgestel, met inbegrip van kandelaberen, knotten of andere vormsnoei, alsmede het verrichten van handelingen, zowel boven- als ondergronds, die de dood of ernstige beschadiging of ernstige ontsiering van de boom ten gevolge kunnen hebben. f. vergunning: een omgevingsvergunning;

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel