Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 8

Ingangsdatum en tijdvak

Onderdeel van Maatregelenverordening Wet werk en bijstand 2013

1.. De maatregel wordt opgelegd met ingang van de eerstvolgende kalendermaand volgend op de datum waarop het besluit tot het opleggen van de maatregel aan belanghebbende is bekend gemaakt. Daarbij wordt uitgegaan van de bijstandsnorm die geldt voor de maand die volgens het betaalschema wordt uitbetaald in die eerstvolgende kalendermaand. 2.. In afwijking van het eerste lid kan de maatregel met terugwerkende kracht worden opgelegd, voor zover de bijstand nog niet is uitbetaald. 3.. In afwijking van het eerste en tweede lid kan de maatregel met terugwerkende kracht worden opgelegd indien de bijstand reeds is uitbetaald. 4.. In afwijking van het eerste lid kan, voor zover het zelfstandigen betreft die een uitkering voor het levensonderhoud in de vorm van een geldlening op grond van het Bbz hebben ontvangen, de maatregel met terugwerkende kracht worden betrokken bij de definitieve vaststelling van die bijstand. 5.. Een maatregel wordt voor bepaalde tijd opgelegd. Een maatregel die voor een periode van meer dan drie maanden wordt opgelegd, wordt uiterlijk na drie maanden nadat deze ten uitvoer is gelegd heroverwogen.

Rechtspraak bij dit artikel