Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 6

AUTORISATIE BEGROTING EN INVESTERINGSKREDIETEN

Onderdeel van Financiële verordening gemeente Assen 2013

Het college stelt regels vast die waarborgen dat de uitvoering van de begroting rechtmatig, doelmatig en doeltreffend verloopt. Het college draagt er zorg voor dat de lasten van de programma’s zoals geautoriseerd in de begroting niet worden overschreden. Het college draagt er zorg voor dat de in de begroting opgevoerde baten kunnen worden gerealiseerd. Het college voert het programma uit op basis van de onder het programma vallende producten en de daarbij aangegeven budgetten. Wanneer het college verschuivingen tussen deze budgetten onderling noodzakelijk acht, wordt de raad hierover via de in artikel 7 genoemde tussenrapportages geïnformeerd. vervallen De raad actualiseert via de in artikel 5 genoemde nota de begroting en de hieruit voortvloeiende toename of afname van de lasten en de baten via een begrotingswijziging. Deze wijziging vindt plaats op het niveau van de programma's, waarbij de wijzigingen in de onderliggende productraming(en) worden aangegeven. Alle zich hierbuiten aandienende door het college noodzakelijk geachte wijzigingen van de begroting stelt de raad via een wijzigingsvoorstel vast. Het college besluit over de aanwending van de post onvoorziene uitgaven en informeert de raad hierover tijdig. De omvang van het budget bepaalt de raad. De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de lasten en de baten per programma. Over-/onderbesteding bij de budgetten einde boekjaar komen ten laste/gunste van het resultaat tenzij: door middel van een specifiek raadsbesluit een directe relatie is geautoriseerd met een specifieke bestemmingsreserve. Het college geeft in de jaarrekening een actueel overzicht van de reserves die het betreft; sprake is van niet of deels niet bestede budgetten die bestemd zijn voor realisatie van bestaande beleidsdoelen die voortvloeien uit een eerder door raad of college vastgesteld plan die in een volgend jaar weer beschikbaar moeten komen met het oog op verdere plan-/beleidsuitvoering. Indien sprake is van het gestelde in het vorige lid onder b is de procedure als volgt: het college verzoekt de raad, vooruitlopend op de formele besluitvorming over de resultaatbestemming bij de vaststelling van de jaarrekening, in te stemmen met de verdere besteding van specifiek benoemde restantbudgetten; bij het vaststellen van de jaarrekening wordt de budgettaire ruimte via de resultaatbestemming gestort in een reserve jaarovergang; via een begrotingswijziging worden de restantbudgetten in het nieuwe jaar toegevoegd aan de begroting respectievelijk de programma's door beschikking over de reserve jaarovergang.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel