Deze instructie verstaat onder:
Kassier: de functionaris, belast met toezicht op het beheer, bewaring en registratie van contante geldmiddelen (chartaal en giraal) en waardedocumenten; hij geeft daartoe aanwijzingen aan subkassiers en voorraadbeheerders.
Sub-kassier: de functionaris die onder functionele aansturing van de kassier een deel van de kassierstaken vervult; hiërarchisch opereert deze functionaris onder de verantwoordelijkheid van zijn afdelingshoofd (bij de frontoffice de teamleider).
Voorraadbeheerder: de functionaris die onder functionele aansturing van de kassier is belast met het in bewaring houden van waardedocumenten en opereert onder hiërarchische verantwoordelijkheid van het afdelingshoofd (bij de frontoffice de teamleider).
Het afdelingshoofd: (bij de frontoffice de teamleider) deze is verantwoordelijk voor een correcte uitvoering van de publieksdienstverlening op zijn afdeling en de naleving van deze instructie.