De leden van de commissie, genoemd in artikel 4, lid 1 sub a en b en lid 2, sub a genieten voor het bijwonen van de vergaderingen resp. sub-commissie-bijeenkomsten een vergoeding ten bedrage van 100% van het bedrag, vermeld in de bij AMvB behorende tabel, zoals dat bedrag telkenjare door de Minister van Binnenlandse Zaken is of wordt vastgesteld voor een gemeente in klasse 3.